Randen toevoegen of verwijderen in Publisher

U kunt een lijnrand van elke gewenste kleur of dikte, een vooraf ontworpen rand of een aangepaste rand toevoegen aan een pagina, tekstvak, AutoVorm (AutoVormen: een groep kant-en-klare vormen, die onder andere basisvormen bevat, zoals rechthoeken en cirkels, maar ook een grote verscheidenheid aan lijnen en verbindingslijnen, blokpijlen, stroomdiagramsymbolen, sterren, vaandels en toelichtingen.) of afbeelding of rond een groep objecten in uw publicatie.

U kunt ook een afbeelding gebruiken die is ontworpen voor gebruik als rand. U kunt bijvoorbeeld een paginarandfragment invoegen vanuit Illustraties en media op Microsoft Office Online en vervolgens het formaat aanpassen aan de pagina of het object waaraan u een rand wilt toevoegen.

Als de pagina, het tekstvak, de AutoVorm, de afbeelding of de groep items al een rand heeft, kunt u deze wijzigen of verwijderen.

Wat wilt u doen?


Een rand toevoegen aan een pagina

Als u een rand wilt toevoegen aan een pagina, tekent u een rechthoek rond de pagina en voegt u de gewenste lijn of vooraf ontworpen rand toe. Als u een rand wilt toevoegen aan alle pagina's in uw publicatie, voegt u de rand toe aan een basispagina (basispagina: een achtergrondpagina die kan worden toegepast op een of meer pagina's van een publicatie. Basispagina's bevatten elementen, zoals kopteksten, voetteksten, margehulplijnen en kolomhulplijnen, die kunnen worden toegepast op meer pagina's.) en past u vervolgens de basispagina toe op de pagina's in uw publicatie. Klik op een koppeling in het gedeelte Zie ook voor meer informatie over het werken met basispagina's in een publicatie.

 Belangrijk   Zorg dat alle zijden van de rand binnen het afdrukbare gebied van de printer vallen, vooral als u een paginarand maakt. Niet alle printers drukken af tot aan de rand van de pagina.

Het niet-afdrukbare gebied van de desktopprinter bepalen

  1. Open Microsoft WordPad.

WeergevenWerkwijze

  • Klik op de taakbalk van Windows op de knop Start, wijs Alle programma's aan, wijs Bureau-accessoires aan en klik vervolgens op WordPad.
  1. Klik in het menu Bestand op Pagina-instelling.
  2. Stel de margewaarden voor Links, Rechts, Boven en Onder in op nul. Automatisch wordt de minimale marge ingesteld die door de printer wordt ondersteund.
  3. Noteer de minimale marge.

Om te controleren of alle zijden van de rand worden afgedrukt, kunt u een voorbeeld van de publicatie bekijken door te klikken op Afdrukvoorbeeld in het menu Bestand.

Een rand toevoegen aan een pagina

  1. Selecteer de pagina waaraan u de rand wilt toevoegen.
  2. Klik op de werkbalk Objecten op Rechthoek Knopafbeelding en sleep om een rechthoek op de pagina te tekenen met het gewenste formaat voor de paginaranden, bijvoorbeeld tot aan de paginamarges.
  3. Selecteer de rechthoek en klik op AutoVorm in het menu Opmaak.
  4. Klik op het tabblad Kleuren en lijnen.
  5. Ga op een van de volgende manieren te werk:

WeergevenEen lijnrand met een bepaalde kleur of breedte toevoegen

  1. Kies onder Lijn de gewenste kleur- en lijnopties.
  2. Als u de rand zowel aan de binnenkant als aan de buitenkant van de rechthoek wilt toevoegen, in plaats van alleen aan de binnenkant, schakelt u het selectievakje Een rand in het frame tekenen uit. Hierdoor voorkomt u dat de rand objecten overlapt die zich binnen de rechthoek bevinden.

WeergevenEen vooraf ontworpen patroonrand toevoegen

  1. Klik op Randillustratie.
  2. Klik in de lijst Beschikbare randillustraties op de gewenste rand.

WeergevenEen aangepaste rand toevoegen

U kunt een aangepaste rand maken van een illustratie, een afbeeldingsbestand, een gescande foto of een andere bitmap (bitmap: een afbeelding die bestaat uit een groot aantal kleine puntjes waarmee vormen en lijnen worden gevormd. Als bitmaps worden opgeslagen als bestand, krijgen ze meestal de extensie .bmp.) of van een afbeelding die u hebt gemaakt in een tekenprogramma. De aangepaste rand wordt opgeslagen bij de randillustraties van Microsoft Office Publisher 2007.

 Opmerking   Het afbeeldingsbestand dat u gebruikt voor een aangepaste rand moet kleiner zijn dan 64 kilobytes (kB) en mag geen tekst bevatten.

  1. Klik op Randillustratie.
  2. Klik in het dialoogvenster Randillustratie op Rand aanpassen.
  3. Als u een afbeelding wilt toevoegen uit een bestand dat zich op de vaste schijf van uw computer bevindt zonder deze toe te voegen aan de Microsoft Mediagalerie, schakelt u in het dialoogvenster Aangepaste rand maken het selectievakje Mediagalerie gebruiken uit.
  4. Klik op Afbeelding selecteren.
  5. Blader in het dialoogvenster Afbeelding invoegen naar de locatie die de gewenste afbeelding bevat, klik op de afbeelding en klik op Invoegen.
  6. Typ in het dialoogvenster Naam van aangepaste rand een naam voor de aangepaste rand en klik op OK.

Als de bestandsgrootte van de door u geselecteerde afbeelding te groot is (groter dan 64 kB), of als de afbeelding tekst bevat, kan er een foutbericht worden weergegeven en wordt de rand mogelijk niet gemaakt. Als dit gebeurt, herhaalt u stap 2 tot en met 5 en selecteert u een kleiner bestand.

Een illustratierand toevoegen

U kunt snel een rand maken met een illustratie.

  1. Selecteer de pagina waaraan u de rand wilt toevoegen.
  2. Wijs Afbeelding aan in het menu Invoegen en klik vervolgens op Illustratie.
  3. Typ in het taakvenster Illustratie de tekst paginaranden in het vak Zoeken naar en klik op Zoeken.
  4. Klik in het taakvenster Illustratie op de gewenste rand.
  5. Plaats in de publicatie de muisaanwijzer op een van de formaatgrepen (greep: één van verschillende kleine vormen die worden weergegeven rond een object als het object is geselecteerd. U kunt een object verplaatsen of de vorm ervan aanpassen door op een greep te klikken en te slepen.) op de rand en sleep de greep om het formaat van de rand te wijzigen.
  6. Als de rand een effen opvulling heeft die de inhoud van de pagina bedekt, selecteert u de rand, wijst u Volgorde aan in het menu Schikken en klikt u op Naar achtergrond, zodat de inhoud van de pagina wordt weergegeven vóór de randopvulling.

Terug naar boven Terug naar boven

Een rand toevoegen aan een tekstvak, een AutoVorm, een afbeelding of een object

U kunt een rand toevoegen aan een tekstvak, een AutoVorm, een afbeelding of een object. U kunt ook een vooraf ontworpen of aangepaste rand toevoegen aan een tekstvak, een afbeelding of een rechthoek (maar niet aan andere AutoVormen, zoals een cirkel of een ovaal).

  1. Selecteer het tekstvak, de AutoVorm, de afbeelding of het object waaraan u de rand wilt toevoegen.
  2. Klik in het menu Opmaak op Tekstvak, AutoVorm, Afbeelding of Object.
  3. Klik op het tabblad Kleuren en lijnen.
  4. Ga op een van de volgende manieren te werk:

WeergevenEen lijnrand met een bepaalde kleur of breedte toevoegen

  1. Kies onder Lijn de gewenste kleur- en stijlopties.
  2. Als u de rand zowel aan de binnenkant als aan de buitenkant van de rechthoek wilt toevoegen, in plaats van alleen aan de binnenkant, schakelt u het selectievakje Een rand in het frame tekenen uit. Hierdoor voorkomt u dat de rand objecten overlapt die zich binnen de rechthoek bevinden.

WeergevenEen vooraf ontworpen patroonrand toevoegen

  1. Klik op Randillustratie (niet beschikbaar als u een andere AutoVorm dan een rechthoek hebt geselecteerd).
  2. Klik in de lijst Beschikbare randillustraties op de gewenste rand.

WeergevenEen aangepaste rand toevoegen

U kunt een aangepaste rand maken van een illustratie, een afbeeldingsbestand, een gescande foto of een andere bitmap (bitmap: een afbeelding die bestaat uit een groot aantal kleine puntjes waarmee vormen en lijnen worden gevormd. Als bitmaps worden opgeslagen als bestand, krijgen ze meestal de extensie .bmp.) of van een afbeelding die u hebt gemaakt in een tekenprogramma. De aangepaste rand wordt opgeslagen bij de randillustraties van Office Publisher 2007.

 Opmerking   Het afbeeldingsbestand dat u gebruikt voor een aangepaste rand moet kleiner zijn dan 64 kB en mag geen tekst bevatten.

  1. Klik op Randillustratie.
  2. Klik in het dialoogvenster Randillustratie op Rand aanpassen.
  3. Als u een afbeelding wilt toevoegen uit een bestand dat zich op de vaste schijf van uw computer bevindt zonder deze toe te voegen aan de Microsoft Mediagalerie, schakelt u in het dialoogvenster Aangepaste rand maken het selectievakje Mediagalerie gebruiken uit.
  4. Klik op Afbeelding selecteren.
  5. Blader in het dialoogvenster Afbeelding invoegen naar de locatie die de gewenste afbeelding bevat, klik op de afbeelding en klik op Invoegen.
  6. Typ in het dialoogvenster Naam van aangepaste rand een naam voor de aangepaste rand en klik op OK.

Als de bestandsgrootte van de door u geselecteerde afbeelding te groot is (groter dan 64 kB), of als de afbeelding tekst bevat, kan er een foutbericht worden weergegeven en wordt de rand mogelijk niet gemaakt. Als dit gebeurt, herhaalt u stap 2 tot en met 5 en selecteert u een kleiner bestand.

Terug naar boven Terug naar boven

Een rand toevoegen aan een groep objecten

Als u een rand wilt toevoegen aan een groep objecten, tekent u een rechthoek rond de objecten en voegt u de gewenste lijn of vooraf ontworpen rand toe.

  1. Selecteer de pagina waaraan u de rand wilt toevoegen.
  2. Klik op de werkbalk Objecten op Rechthoek Knopafbeelding en sleep om een rechthoek op de pagina te tekenen met het gewenste formaat (rond de objecten die binnen de rand moeten vallen).
  3. Selecteer de rechthoek en klik op AutoVorm in het menu Opmaak.
  4. Klik op het tabblad Kleuren en lijnen.
  5. Ga op een van de volgende manieren te werk:

WeergevenEen lijnrand met een bepaalde kleur of breedte toevoegen

  1. Kies onder Lijn de gewenste kleur- en stijlopties.
  2. Als u de rand zowel aan de binnenkant als aan de buitenkant van de rechthoek wilt toevoegen, in plaats van alleen aan de binnenkant, schakelt u het selectievakje Een rand in het frame tekenen uit. Hierdoor voorkomt u dat de rand objecten overlapt die zich binnen de rechthoek bevinden.

WeergevenEen vooraf ontworpen patroonrand toevoegen

  1. Klik op Randillustratie.
  2. Klik in de lijst Beschikbare randillustraties op de gewenste rand.

WeergevenEen aangepaste rand toevoegen

U kunt een aangepaste rand maken van een illustratie, een afbeeldingsbestand, een gescande foto of een andere bitmap (bitmap: een afbeelding die bestaat uit een groot aantal kleine puntjes waarmee vormen en lijnen worden gevormd. Als bitmaps worden opgeslagen als bestand, krijgen ze meestal de extensie .bmp.) of van een afbeelding die u hebt gemaakt in een tekenprogramma. De aangepaste rand wordt opgeslagen bij de randillustraties van Office Publisher 2007.

 Opmerking   Het afbeeldingsbestand dat u gebruikt voor een aangepaste rand moet kleiner zijn dan 64 kB en mag geen tekst bevatten.

  1. Klik op Randillustratie.
  2. Klik in het dialoogvenster Randillustratie op Rand aanpassen.
  3. Als u een afbeelding wilt toevoegen uit een bestand dat zich op de vaste schijf van uw computer bevindt zonder deze toe te voegen aan de Microsoft Mediagalerie, schakelt u in het dialoogvenster Aangepaste rand maken het selectievakje Mediagalerie gebruiken uit.
  4. Blader in het dialoogvenster Afbeelding invoegen naar de locatie die de gewenste afbeelding bevat, klik op de afbeelding en klik op Invoegen.
  5. Typ in het dialoogvenster Naam van aangepaste rand een naam voor de aangepaste rand en klik op OK.

Als de bestandsgrootte van de door u geselecteerde afbeelding te groot is (groter dan 64 kB), of als de afbeelding tekst bevat, kan er een foutbericht worden weergegeven en wordt de rand mogelijk niet gemaakt. Als dit gebeurt, herhaalt u stap 2 tot en met 5 en selecteert u een kleiner bestand.

Terug naar boven Terug naar boven

Een rand aanpassen om overlappende inhoud zo veel mogelijk te vermijden

In Office Publisher 2007 kunt u randillustraties of lijnen toevoegen aan een tekstvak, afbeeldingsframe of rechthoekvorm. Hoe dikker de randillustraties die u maakt, hoe minder ruimte u hebt voor afbeeldingen of tekst. Als de rand tekst of objecten op de pagina bedekt, kunt u op een van de volgende manieren te werk gaan:

De randlijn op het frame in plaats van binnen het frame tekenen

Als u de rand zowel aan de binnenkant als aan de buitenkant van een rechthoek wilt toevoegen, in plaats van alleen aan de binnenkant, schakelt u het selectievakje Een rand in het frame tekenen uit. Hierdoor voorkomt u dat de rand objecten overlapt die zich binnen de rechthoek bevinden.

  1. Selecteer de rechthoek en klik op AutoVorm in het menu Opmaak.
  2. Klik op het tabblad Kleuren en lijnen en schakel en selectievakje Een rand in het frame tekenen uit.

Randillustraties met een proportionele grootte toepassen

Als u het formaat van de rand wilt aanpassen zodat deze in verhouding staat tot de gehele pagina, schakelt u het selectievakje Altijd standaardformaat toepassen uit. Hierdoor voorkomt u dat de rand objecten overlapt die zich binnen de rechthoek bevinden.

  1. Selecteer de rechthoek en klik op AutoVorm in het menu Opmaak.
  2. Klik op het tabblad Kleuren en lijnen en klik vervolgens op Randillustratie.
  3. Schakel in het dialoogvenster Randillustratie het selectievakje Altijd standaardformaat toepassen uit.

De lijnbreedte van de rand verkleinen

  1. Selecteer de rechthoek met de rand die u wilt wijzigen.
  2. Klik op de werkbalk Opmaak op Lijn-/randstijl Knopafbeelding.
  3. Klik op de gewenste lijnbreedte. Als u meer opties wilt zien voor de lijnbreedte, klikt u op Meer lijnen en selecteert u de gewenste waarde in het vak Tekengewicht.

De rechthoek groter maken

  1. Klik op de rechthoek om deze te selecteren.
  2. Wijs een van de formaatgrepen (greep: één van verschillende kleine vormen die worden weergegeven rond een object als het object is geselecteerd. U kunt een object verplaatsen of de vorm ervan aanpassen door op een greep te klikken en te slepen.) aan en sleep.
  • Als u het midden van de rechthoek op dezelfde plaats wilt houden, houdt u CTRL ingedrukt terwijl u sleept en laat u de muisknop los voordat u CTRL loslaat.
  • Als u de verhoudingen van de rechthoek wilt behouden, houdt u SHIFT ingedrukt terwijl u een hoekgreep sleept en laat u de muisknop los voordat u SHIFT loslaat.
  • Als u de verhoudingen van de rechthoek wilt behouden en ook het midden op dezelfde plaats wilt houden, houdt u CTRL+SHIFT ingedrukt terwijl u een hoekgreep sleept en laat u de muisknop los voordat u CTRL+SHIFT loslaat.
  • Als u de rechthoek wilt slepen langs hulplijnen, zoals margehulplijnen, houdt u ALT ingedrukt terwijl u sleept.

Terug naar boven Terug naar boven

Een lijnrand of vooraf ontworpen rand verwijderen

  1. Selecteer het object met de rand die u wilt verwijderen.

 Opmerking   Als u een rand wilt verwijderen van een object op een basispagina, klikt u op Basispagina in het menu Beeld en selecteert u het object met de rand die u wilt verwijderen.

  1. Klik op de werkbalk Opmaak op Lijn-/randstijl Knopafbeelding  .
  2. Klik op Geen lijn.

Terug naar boven Terug naar boven

Een illustratierand verwijderen

Gebruik deze procedure als u een illustratie hebt ingevoegd als een rand.

  1. Selecteer de illustratierand.

 Opmerking   Als u een illustratierand wilt verwijderen op een basispagina, klikt u op Basispagina in het menu Beeld en selecteert u de illustratierand die u wilt verwijderen.

  1. Druk op DELETE.

Terug naar boven Terug naar boven

 
 
Van toepassing op:
Publisher 2007