Sneltoetsen voor PowerPoint

Informatie over sneltoetsen

U kunt snel taken uitvoeren met sneltoetsen (een of meer toetsen op het toetsenbord waarmee u taken kunt uitvoeren). Als u bijvoorbeeld op COMMAND + P drukt, wordt het dialoogvenster Afdrukken geopend.


 Opmerkingen 

  • Beschrijvingen van sneltoetsen gelden voor de Amerikaanse toetsenbordindeling. Toetsen op andere toetsenbordindelingen komen mogelijk niet overeen met de toetsen op een Amerikaans toetsenbord. Sneltoetsen voor laptopcomputers kunnen mogelijk ook verschillen.
  • De instellingen in sommige versies van het Macintosh-besturingssysteem en sommige hulpprogramma's kunnen een conflict veroorzaken met bewerkingen via sneltoetsen en functietoetsen in Office. Raadpleeg de Mac Help voor uw versie van het Macintosh-besturingssysteem of de documentatie bij het desbetreffende hulpprogramma voor meer informatie over het wijzigen van toetstoewijzingen.

WeergevenTekst en objecten bewerken

Handeling Druk op
Eén teken naar links verwijderen DELETE
Eén teken naar rechts verwijderen Delete
Geselecteerde tekst of object (object: Een enkel onderdeel van het document. Een object kan een tekstvak zijn of een geïmporteerde afbeelding, vorm, afbeelding, enzovoort.) knippen COMMAND + X of F2
Geselecteerde tekst of geselecteerd object kopiëren COMMAND + C of F3
Geknipte of gekopieerde tekst of geknipt of gekopieerd object plakken COMMAND + V of F4
Plakken speciaal COMMAND + CTRL + V
Geselecteerd object dupliceren COMMAND + D
De tekengrootte vergroten COMMAND + SHIFT + >
De tekengrootte kleiner maken COMMAND + SHIFT + <
Gebruik van hoofdletters/kleine letters wijzigen SHIFT + F3
Opmaak Vet toepassen of verwijderen COMMAND + B
De selectie onderstrepen COMMAND + U
Opmaak cursief toepassen of verwijderen COMMAND + I
Teken in subscript zetten (afstand automatisch bepaald) COMMAND + SHIFT + MINTEKEN
Teken in superscript zetten (afstand automatisch bepaald) COMMAND + SHIFT + PLUSTEKEN
Een alinea centreren COMMAND + E
Een alinea uitvullen COMMAND + J
Een alinea links uitlijnen COMMAND + L
Een alinea rechts uitlijnen COMMAND + R
De laatste bewerking ongedaan maken COMMAND + Z of F1
Het dialoogvenster Tekst opmaken openen, Opties voor lettertype COMMAND + T
Het dialoogvenster Tekst opmaken openen, Alineaopties COMMAND + OPTION + M

WeergevenIn tekst navigeren

Verplaatsen Druk op
Eén teken naar links PIJL-LINKS
Eén teken naar rechts PIJL-RECHTS
Eén regel omhoog PIJL-OMHOOG
Eén regel omlaag PIJL-OMLAAG
Naar het begin van het woord of één woord naar links OPTION + PIJL-LINKS
Eén woord naar rechts OPTION + PIJL-RECHTS
Naar het einde van de regel COMMAND + PIJL-RECHTS of END
Naar het begin van de regel COMMAND + PIJL-LINKS of HOME
Naar het begin van de alinea of één alinea omhoog OPTION + PIJL-OMHOOG
Eén alinea omlaag OPTION + PIJL-OMLAAG
Naar het einde van het tekstvak OPTION + END
Naar het begin van het tekstvak OPTION + HOME

WeergevenWerken met objecten

Handeling Druk op
Geselecteerd object dupliceren COMMAND + D
Het volgende object selecteren TAB
Het vorige object selecteren SHIFT + TAB
Alle objecten en alle tekst selecteren COMMAND + A
Het geselecteerde object in de richting van de pijl verplaatsen Pijltoetsen
Het geselecteerde object enigszins in de richting van de pijl verschuiven COMMAND + pijltoets
De geselecteerde objecten groeperen COMMAND + OPTION + G
De groepering van de geselecteerde objecten opheffen COMMAND + OPTION + SHIFT + G

WeergevenPresentaties

Handeling Druk op
Een nieuwe presentatie maken COMMAND + N
Een nieuwe presentatie maken met een sjabloon van de galerie met PowerPoint-presentaties COMMAND + SHIFT + P
Een nieuwe dia invoegen CONTROL + M of COMMAND + SHIFT + N
Inzoomen COMMAND + PLUSTEKEN
Uitzoomen COMMAND + MINTEKEN
Een kopie van de geselecteerde dia maken in de overzichts- of diasorteerderweergave of in het overzichtsvenster in de normale weergave COMMAND + D
Een kopie van de geselecteerde dia maken in de notitiepaginaweergave of in het diavenster of notitievenster in de normale weergave COMMAND + SHIFT + D
Een presentatie openen COMMAND + O
Een presentatie sluiten COMMAND + W
Een presentatie afdrukken COMMAND + P
Een presentatie opslaan COMMAND + S
Een presentatie opslaan met een andere naam of bestandsindeling of op een andere locatie COMMAND + SHIFT + S
PowerPoint afsluiten COMMAND + Q
Zoeken naar tekst en opmaak COMMAND + F
Tekst en specifieke opmaak zoeken en vervangen COMMAND + SHIFT + H
De verwijzingshulpmiddelen openen SHIFT + OPTION + F7
De spelling controleren F7
Een hyperlink invoegen COMMAND + K
Een opdracht (bijvoorbeeld Opslaan als) annuleren ESC
Een bewerking ongedaan maken COMMAND + Z
Een bewerking opnieuw uitvoeren of herhalen COMMAND + Y

Meerdere geopende presentaties doorlopen

Deze sneltoets veroorzaakt een conflict met een standaardtoetstoewijzing van Mac OS X. Als u deze Office- sneltoets wilt gebruiken, moet u eerst de Mac OS X- sneltoets uitschakelen voor deze toets. Klik in het Apple-menu op Systeemvoorkeuren. Klik onder Hardware op Toetsenbord. Klik op het tabblad Toetscombinaties en schakel het selectievakje Aan uit voor de toetstoewijzing die u wilt uitschakelen.

COMMAND + ~ of COMMAND + F6
De geselecteerde dia dupliceren COMMAND + SHIFT + D

WeergevenVan weergave wisselen

Handeling Druk op
Overschakelen naar de normale weergave COMMAND + 1
Overschakelen naar de diasorteerderweergave COMMAND + 2
Overschakelen naar de notitiepaginaweergave COMMAND + 3
Overschakelen naar diavoorstelling op volledig scherm COMMAND + SHIFT + ENTER
Overschakelen naar de presentatorweergave OPTION + ENTER
Hulplijnen weergeven of verbergen COMMAND + OPTION + CTRL + G
Overschakelen naar de hand-outmodelweergave COMMAND + OPTION + 2 of SHIFT + klik op Diasorteerderweergave Knop Diasorteerderweergave
Overschakelen naar de diamodelweergave COMMAND + OPTION + 1 of SHIFT + klik op Normale weergave  Knop Normale weergave
Overschakelen naar de notitiemodelweergave COMMAND + OPTION + 3
Het navigatievenster in de normale weergave uitbreiden en overschakelen naar het tabblad Overzicht CONTROL + SHIFT + X
Het navigatievenster sluiten CONTROL + SHIFT + C

WeergevenTekst selecteren

Beoogde selectie Druk op
Eén teken naar rechts SHIFT + PIJL-RECHTS
Eén teken naar links SHIFT + PIJL-LINKS
Vanaf het invoegpunt naar hetzelfde punt in de regel erboven SHIFT + PIJL-OMHOOG
Vanaf het invoegpunt naar hetzelfde punt in de regel eronder SHIFT + PIJL-OMLAAG
Alle tekst tot aan het begin van de regel SHIFT + HOME
Alle tekst tot aan het einde van de regel SHIFT + END
Vanaf het invoegpunt tot het einde van de alinea SHIFT + OPTION + PIJL-OMLAAG
Vanaf het invoegpunt tot het begin van de alinea SHIFT + OPTION + PIJL-OMHOOG
Vanaf het invoegpunt tot het begin van het tekstvak SHIFT + OPTION + HOME
Vanaf het invoegpunt tot het einde van het tekstvak SHIFT + OPTION + END

WeergevenDiavoorstelling

Wanneer u een diavoorstelling schermvullend afspeelt, kunt u de volgende sneltoetsen gebruiken, al dan niet met de presentatiehulpmiddelen.

 Tip   U kunt tijdens een diavoorstelling op HELP drukken voor een lijst met sneltoetsen. (De toets HELP is niet beschikbaar op alle laptoptoetsenborden.)

Handeling Druk op
Het volgende teksteffect uitvoeren of naar de volgende dia gaan N , RETURN , PAGE DOWN , PIJL-RECHTS , PIJL-OMLAAG , ENTER of de SPATIEBALK (of een muisklik)
Teruggaan naar het vorige teksteffect of naar de vorige dia P , PAGE UP , PIJL-LINKS , PIJL-OMHOOG of DELETE
Naar een specifieke dia gaan De cijfertoets(en) voor het betreffende dianummer, gevolgd door RETURN
Een zwart scherm weergeven of teruggaan naar de diavoorstelling vanuit een zwart scherm B of PUNT
Een wit scherm weergeven of teruggaan naar de diavoorstelling vanuit een wit scherm W of KOMMA
Een automatische diavoorstelling stoppen of opnieuw starten S of PLUSTEKEN
De diavoorstelling afspelen vanaf de eerste dia COMMAND + ENTER
De diavoorstelling afspelen vanaf de huidige dia COMMAND + SHIFT + ENTER
Een diavoorstelling beëindigen ESC , COMMAND + PUNT of AFBREEKSTREEPJE
Schermaantekeningen wissen E
Naar de volgende verborgen dia gaan als de volgende dia verborgen is H
De verborgen aanwijzer weer zichtbaar maken en/of de aanwijzer in een pen veranderen COMMAND + P
De verborgen aanwijzer weer zichtbaar maken en/of de aanwijzer in een pijl veranderen COMMAND + A
De aanwijzer en knop onmiddellijk verbergen COMMAND + I CONTROL + H
De aanwijzer en knop over 10 seconden verbergen COMMAND + U
De aanwijzer weergeven of verbergen A of GELIJKTEKEN
Het contextmenu weergeven Houd CONTROL ingedrukt en klik met de muisknop

WeergevenWerken in een tabel

Handeling Druk op
Naar de volgende cel gaan TAB
Naar de vorige cel gaan SHIFT + TAB
Naar de volgende regel of rij gaan PIJL-OMLAAG
Naar de vorige regel of rij gaan PIJL-OMHOOG
Een nieuwe alinea in een cel starten RETURN
Een nieuwe rij toevoegen onder aan de tabel TAB aan het einde van de laatste rij

WeergevenVensters en dialoogvensters

Handeling Druk op
Het actieve venster sluiten COMMAND + W
De bewerking uitvoeren die aan een standaardknop in een dialoogvenster is toegewezen RETURN
Een opdracht annuleren en het dialoogvenster sluiten ESC
Het huidige venster verbergen COMMAND + H
Het huidige venster minimaliseren COMMAND + M

Zie ook

Veelgebruikte Office-sneltoetsen

Een aangepaste sneltoets maken of verwijderen

Toegankelijkheidsopties inschakelen

 
 
Van toepassing op:
PowerPoint voor Mac 2011