Geeft als resultaat het rijnummer van een verwijzing.
Syntaxis
RIJ(verw)
verw is de cel of het celbereik waarvan u het rijnummer wilt weten.
Voorbeeld 1
Het voorbeeld is mogelijk beter te begrijpen als u het naar een leeg werkblad kopieert.
Werkwijze
- Maak een lege werkmap of een leeg werkblad.
- Selecteer het voorbeeld in het Help-onderwerp. Selecteer geen rij- of kolomkoppen.

Een voorbeeld selecteren in een Help-onderwerp
- Druk op CTRL+C.
- Selecteer cel A1 in het werkblad en druk op CTRL+V.
- Als u afwisselend de resultaten en de bijbehorende formules wilt weergeven, drukt u op CTRL+` (accent grave). U kunt ook de optie Formules controleren aanwijzen in het menu Extra en vervolgens op Controlemodus voor formules klikken.
|
|
| A |
B |
| Formule |
Beschrijving (resultaat) |
| =RIJ() |
De rij waarin de formule wordt weergegeven (2) |
| =RIJ(C10) |
De rij van de verwijzing (10) |
|
Voorbeeld 2
Het voorbeeld is mogelijk beter te begrijpen als u het naar een leeg werkblad kopieert.
Werkwijze
- Maak een lege werkmap of een leeg werkblad.
- Selecteer het voorbeeld in het Help-onderwerp. Selecteer geen rij- of kolomkoppen.

Een voorbeeld selecteren in een Help-onderwerp
- Druk op CTRL+C.
- Selecteer cel A1 in het werkblad en druk op CTRL+V.
- Als u afwisselend de resultaten en de bijbehorende formules wilt weergeven, drukt u op CTRL+` (accent grave). U kunt ook de optie Formules controleren aanwijzen in het menu Extra en vervolgens op Controlemodus voor formules klikken.
|
|
| A |
B |
| Formule |
Beschrijving (resultaat) |
| =RIJ(C4:D6) |
De eerste rij in de verwijzing (4) |
|
|
De tweede rij in de verwijzing (5) |
|
|
De derde rij in de verwijzing (6) |
|
Opmerking de formule in dit voorbeeld moet een matrixformule (matrixformule: een formule waarmee meerdere bewerkingen op een of meer waardensets worden uitgevoerd en die een of meerdere resultaten oplevert. Matrixformules worden ingevoerd tussen accolades { } en uitgevoerd met CTRL+SHIFT+ENTER.) zijn. Nadat u het voorbeeld naar een leeg werkblad hebt gekopieerd, selecteert u het bereik A2:A4 (begin hierbij met de formulecel). Druk op F2 en vervolgens op CTRL+SHIFT+ENTER. Als de formule geen matrixformule is, wordt de waarde 4 als resultaat gegeven.