Opmaakprofielen wijzigen

  1. Als het taakvenster (taakvenster: een venster in een Office-programma dat veelgebruikte opdrachten bevat. De plaats en de geringe afmetingen van het venster maken het mogelijk deze opdrachten te gebruiken terwijl u verder werkt aan uw bestanden.) Opmaakprofielen en opmaak niet is geopend, klikt u op Opmaakprofielen en opmaak Knopvlak op de werkbalk (werkbalk: een balk met knoppen en opties die u kunt gebruiken om opdrachten uit te voeren. U kunt een werkbalk weergeven door op ALT en vervolgens op SHIFT+F10 te klikken.) Opmaak.
  2. Klik met de rechtermuisknop op het opmaakprofiel dat u wilt wijzigen en klik vervolgens op Wijzigen.
  3. Selecteer de gewenste opties.
  4. Als u meer opties wilt weergeven, klikt u op Opmaak en vervolgens op het kenmerk (bijvoorbeeld Lettertype of Nummering) dat u wilt wijzigen.

Klik na elk gewijzigd kenmerk op OK en herhaal deze stappen voor de andere kenmerken die u wilt wijzigen.

WeergevenTip

Als u het gewijzigde opmaakprofiel wilt gebruiken in nieuwe documenten die op dezelfde sjabloon (sjabloon: een bestand of bestanden die de structuur en hulpmiddelen bevatten voor indeling van elementen zoals de stijl en de pagina-indeling van bestanden. Met Word-sjablonen kunt u bijvoorbeeld een enkel document indelen, met FrontPage-sjablonen een hele website.) zijn gebaseerd, schakelt u het selectievakje Aan sjabloon toevoegen in. Het gewijzigde opmaakprofiel wordt toegevoegd aan de sjabloon die aan het actieve document is gekoppeld.

 
 
Van toepassing op:
Word 2003