De afmetingen wijzigen van een tabel of gedeelte van een tabel

Ga op een van de volgende manieren te werk:

WeergevenDe afmetingen van een hele tabel wijzigen

  1. Houd de aanwijzer in de afdrukweergave (Afdrukweergave: een weergave waarin u bekijkt hoe een document of object eruitziet als het wordt afgedrukt. Elementen zoals kopteksten, voetnoten, kolommen en tekstvakken worden op de juiste positie weergegeven.) stil boven de tabel (tabel: een of meer rijen met cellen die worden gebruikt om getallen en andere elementen overzichtelijk weer te geven. Items in een tabel zijn gerangschikt in rijen en kolommen.) totdat de formaatgreep van de tabel Formaatgreep rechtsonder in de hoek van de tabel wordt weergegeven.
  2. Houd de aanwijzer stil boven de formaatgreep van de tabel totdat een dubbele pijl Cursor met dubbele pijl wordt weergegeven.
  3. Sleep de grens van de tabel totdat deze de gewenste afmetingen heeft.

 Opmerking   Als u in een webpagina of in de weergave volgens weblay-out (weergave volgens weblay-out: een weergave waarin u bekijkt hoe het document eruitziet in een webbrowser. Zo wordt het document bijvoorbeeld weergegeven als één lange pagina (zonder pagina-einden) en lopen tekst en tabellen terug zodat zij in het venster passen.) werkt, kunt u de tabel zo instellen dat deze automatisch aan het vensterformaat wordt aangepast. Klik eerst in de tabel. Wijs de optie AutoAanpassen aan in het menu Tabel en klik vervolgens op AutoAanpassen aan venster.

WeergevenDe breedte van een kolom wijzigen

  • Houd de aanwijzer stil boven de kolomgrens die u wilt verplaatsen, totdat deze verandert in een formaataanwijzer Formaataanwijzer. Vervolgens sleept u de grens tot de gewenste kolombreedte.

 Opmerkingen 

WeergevenDe hoogte van een rij wijzigen

  • Houd de aanwijzer stil boven de grens van de rij die u wilt verplaatsen, totdat deze verandert in een formaataanwijzer Formaataanwijzer. Vervolgens kunt u de grens slepen.

 Opmerkingen 

WeergevenMeerdere rijen of kolommen maken met dezelfde afmetingen

  1. Selecteer de kolommen of rijen die u dezelfde afmetingen wilt geven.

WeergevenHoe?

Sommige onderdelen van een tabel (tabel: een of meer rijen met cellen die worden gebruikt om getallen en andere elementen overzichtelijk weer te geven. Items in een tabel zijn gerangschikt in rijen en kolommen.) zijn alleen zichtbaar als u alle opmaakmarkeringen weergeeft door te klikken op Weergeven/verbergen Alineamarkering   Knopvlak op de werkbalk (werkbalk: een balk met knoppen en opties die u kunt gebruiken om opdrachten uit te voeren. U kunt een werkbalk weergeven door op ALT en vervolgens op SHIFT+F10 te klikken.) Standaard.

Selectie:

Een cel

Klik op de linkerrand van de cel (cel: een vak op het snijpunt van een rij en een kolom in een werkblad of een tabel. Tabel- en werkbladgegevens worden ingevoerd in cellen.).

Een cel in een tabel selecteren

Een rij

Klik links van de rij.

Een rij in een tabel selecteren

Een kolom

Klik op de bovenste rand of rasterlijn van de kolom.

Een kolom in een tabel selecteren

Meerdere cellen, rijen of kolommen

Sleep over de cel, rij of kolom. 

Of selecteer meerdere elementen die niet noodzakelijkerwijs aangrenzend zijn. Klik op de eerste cel, rij of kolom die u wilt selecteren en druk op CTRL terwijl u klikt op de andere cellen, rijen of kolommen. 

Tekst in de volgende cel

Druk op TAB.

Tekst in de vorige cel

Druk op SHIFT+TAB

De hele tabel

Klik in de afdrukweergave (Afdrukweergave: een weergave waarin u bekijkt hoe een document of object eruitziet als het wordt afgedrukt. Elementen zoals kopteksten, voetnoten, kolommen en tekstvakken worden op de juiste positie weergegeven.) op de verplaatsingsgreep van de tabel Vierpuntige verplaatsingsgreep of sleep deze over de hele tabel.

 Opmerking   U kunt ook rijen, kolommen of een gehele tabel selecteren met behulp van sneltoetsen of door in de tabel te klikken en daarna de selecteeropdrachten in het menu Tabel te gebruiken.

  1. Klik op Kolommen gelijkmatig verdelen of op Rijen gelijkmatig verdelen Knopvlak op de werkbalk (werkbalk: een balk met knoppen en opties die u kunt gebruiken om opdrachten uit te voeren. U kunt een werkbalk weergeven door op ALT en vervolgens op SHIFT+F10 te klikken.) Tabellen en randenKnopvlak.

WeergevenDe ruimte tussen de cellen in een tabel wijzigen

Als u tekst en afbeeldingen met behulp van een tabel (tabel: een of meer rijen met cellen die worden gebruikt om getallen en andere elementen overzichtelijk weer te geven. Items in een tabel zijn gerangschikt in rijen en kolommen.) naast elkaar wilt plaatsen, bijvoorbeeld op een webpagina, kunt u ruimte tussen de cellen (cel: een vak op het snijpunt van een rij en een kolom in een werkblad of een tabel. Tabel- en werkbladgegevens worden ingevoerd in cellen.) toevoegen.

Cellen in tabellen met en zonder extra tussenruimte

Toelichting 1   Geen ruimte tussen de cellen

Toelichting 2   Ruimte tussen de cellen

  1. Klik op de tabel.
  2. Klik in het menu Tabel op Tabeleigenschappen en klik vervolgens op het tabblad Tabel.
  3. Klik op Opties.
  4. Schakel het selectievakje Ruimte tussen cellen toestaan onder de optie Standaardafstand tussen cellen in, en voer de gewenste afmetingen in.
 
 
Van toepassing op:
Word 2003